AStarisBornGroningen

Dutch

English

pdflogo1

A paradox of non-place: a foreigner lost in a country he does not know he can feel at home there only in the anonymity of motorways, service stations, big stores or hotel chains. For him, an oil company logo is a reassuring landmark; among the supermarket shelves he falls with relief on sanitary, household or food products validated by multinational brand names.

Marc Augé

The young conservatives embrace the fundamental experience of aesthetic modernity — the disclosure of a decentered subjectivity, freed from all constraints of rational cognition and purposiveness, from all imperatives of labor and utility — and in this way break out of the modern world. They transpose the spontaneous power of imagination, the experience of the self and affectivity into the remote and the archaic; and in manichean fashion, they counterpose to instrumental reason a principle only accessible via “evocation”: be it the will to power or sovereignty, Being or the Dionysian power of the poetic.

Jürgen Habermas

Er waait een frisse wind door het landschap. Steeds meer architecten, stedebouwers, politici en bestuurders richten zich op de openbare ruimte van de binnensteden, de periferie van de stad en van het landschap. Het is vooral aan het postmoderne debat te danken dat men is gaan nadenken over welke communicatieve verantwoordelijkheid de architectuur heeft ten opzichte van de publieke sfeer. De postmoderne architectuur zocht contact met het publiek door de beeldcultuur van de architectuur te verrijken met de collectieve herinnering en de smaak van het volk. De sterk populistische aankleding van gebouwen, zoals die van Venturi en Graves, heeft door de sterke traditie van het Modernisme in Nederland niet echt voet aan de grond gekregen. Het is eerder zo dat men het ornament van de Moderne architectuur is gaan ontdekken. We lieten het liever aan buitenlandse architecten over de representatieve dimensie van de architectuur “populistisch” uit te buiten. Het bestuur van Groningen is er nu achter gekomen, als een van de eerste in Nederland, dat de openbare ruimte meer nodig heeft dan een architectuur die stilstaat bij het ornament alleen. Met de manifestatie Stadsmarkeringen vangt Groningen aan het postmodernisme niet alleen te begrijpen als een visuele, maar ook als programmatische activiteit. Met “de stad als podium” onder de naam “A Star is born” brengt Groningen het vraagstuk inzake de publieke rol van de architectuur verder. Door architectuur, kunst en openluchttheater in de publieke ruimte samen te laten optreden wordt de representatieve functie van de architectuur direct verbonden met de activiteiten die zich op locatie in de stad afspelen.

SDe kaarten die de mensheid richting gaven, individueel en collectief, representeren niet langer het landschap waar we door heen bewegen. Of we het op prijs stellen of niet de moderniteit raast voort. In de negentiende eeuw blies de moderniteit de feodale samenleving op en produceerde de industriële maatschappij. In onze tijd ondergraaft de moderniteit de industriële samenleving en ontstaat er een nieuwe moderniteit. Via de achterdeur dringt deze zogenaamde supermoderniteit ons dagelijkse leven binnen. Revoluties of politieke explosies blijven dit keer uit. Het is een leven dat we meer en meer in eenzaamheid doorbrengen in een wereld van supermarkten, vliegvelden, hotels, snelwegen, voor de televisie, computers en geldautomaten. Deze supermoderne wereld van alledaagse objecten wordt door éénieder van ons ervaren maar ontsnapt aan onze bewuste opmerkzaamheid. In toenemende mate lijkt onze openbare ruimte te bestaan uit “non-places”. Dit zijn, volgens Marc Augé, plekken waar individuen maar moeilijk in staat zijn sociaal leven te creëren. Eenzaam zwerven de mensen van de ene naar de andere “non-place” . Deze supermoderne wereld van “non-places” bestaat uit een identiteit die erg lijkt op de ervaringen die we op doen in themaparken waar de wet van het spektakel van doorslaggevende betekenis is.

Het is in deze supermoderne conditie waar steeds meer architecten en stadsbesturen moeten opereren. De permanente kritiek op de samenleving en de verlammende onmogelijkheid om de wereld ten goede te veranderen, die ontaard in een strategie van negatieve kritiek wordt niet langer geloofd. Het pessimisme van het intellect lijkt te zijn om geslagen in een optimisme van de wil. Engagement wordt in het vertrouwde van het alledaagse van de supermoderniteit gevonden. De “non-places” van onze hedendaagse tijd maken onze toekomst uit en bestaan uit “ongeclassificeerde” werkelijkheden die we misschien ten goede kunnen keren. Als de architect en het bestuur in zake slim genoeg zijn ligt daar een kans om zich te mengen in de totstandkoming en formulering (juist ook in vorm) van het programma van activiteiten en de consequenties daarvan voor de publieke en private ruimten. Met de manifestatie “A Star is born” inspireert Groningen een discussie over de kwaliteit van de publieke ruimte in onze supermoderniteit met zijn vele “non-places” in onze binnensteden en daarbuiten.

De musealisering van de non-place
In "A Star is Born: Groningen. The City as a Stage

item2
Follow rvtoorn on Twitter